Moeders blijven parttime werken

Tekst verkleinenTekst vergroten
Tekstgrootte:
0 reacties
06-maa 2008
Na de geboorte van het eerste kind blijven de meeste moeders actief op de arbeidsmarkt. De deeltijdbaan is daarbij favoriet. Als de kinderen ouder worden is dit maar zelden aanleiding voor moeders om meer uren te gaan werken.
Dit beeld blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek.
 
In 2007 bleef ruim een derde van de moeders hetzelfde aantal uren werken na de geboorte van het eerste kind. Nog eens één op de drie moeders ging weliswaar minder uren werken, maar bleef actief op de arbeidsmarkt. Slechts 10 procent stopte met werken. Daarnaast werkte ruim 15 procent zowel voor als na de geboorte niet.
 
Van de vrouwen met een voltijdbaan (meer dan 35 uur) bleef een derde hetzelfde aantal uren, dus voltijds werken na de komst van het eerste kind. De helft van de vrouwen met een voltijdbaan ging echter na de geboorte naar een deeltijdbaan van 12 tot 35 uur. Het meest populair is de deeltijdbaan van 20 tot 27 uur. Vorig jaar werkte bijna 30 procent van de moeders na de geboorte van het eerste kind in een dergelijke baan.
 
Ook werklozen willen deeltijdwerk
De grote deeltijdbaan (12 tot 35 uur per week) is bij meerdere groepen populair. 44 procent van de arbeidsongeschikten die willen werken kiest hiervoor. Een derde van de werkwillige arbeidsongeschikten wil minder dan 12 uur per week werken, terwijl bijna een kwart een voltijdbaan ambieert. Ook bij werklozen is de deeltijdbaan het meest gewild: ruim de helft van de werklozen die betaald werk wil, geeft daarbij de voorkeur aan een grote deeltijdbaan. Vier op de tien werkwillige werklozen willen een voltijdbaan.
 
Dit zijn enkele bevindingen uit de publicatie ‘Wel of niet aan het werk’: een gezamenlijk product van het Sociaal en Cultureel Planbureau en de Raad voor Werk en Inkomen.
 

0 Reacties

Er zijn nog geen reacties geplaatst.

Reageer op dit artikel

Naam :
E-mail adres :
Reactie
 
Onthoudt mij