Wetsvoorstel vrijstelling inhoudings- en verzekeringsplicht incidentele arbeid

Tekst verkleinenTekst vergroten
Tekstgrootte:
0 reacties
11-mei 2009
Het kabinet streeft ernaar om op zo kort mogelijke termijn een wetsvoorstel in te dienen dat bepaalde vormen van incidentele arbeid en arbeid van geringe omvang onder voorwaarden vrijstelt van inhouding van loonbelasting en premies sociale verzekeringen.

Dit levert het bedrijfsleven een administratieve lastenverlichting op. Staatssecretaris De Jager van Financiën en minister Donner van Sociale Zaken en Werkgelegenheid hebben dit voorstel onlangs met enige andere (onderzoeks)voorstellen voor administratieve lastenverlichtingen in een brief aan de Tweede Kamer genoemd.

Als voorbeeld van vrijgestelde arbeid noemen zij banen van zes tot acht weken en ‘kleine’ banen waarbij een werknemer jonger is dan een bepaalde leeftijdsgrens (bijvoorbeeld 23 jaar) en loon verdient dat beneden een bepaalde loongrens (bijvoorbeeld minder dan 30% van het wettelijk minimumloon) ligt. Eventuele belastingheffing over deze arbeid komt later aan de orde in de aangifte inkomstenbelasting.

De minister en staatssecretaris hebben aangegeven ook enige andere voorstellen voor administratieve lastenverlichting nog nader te laten onderzoeken. Het betreffen de volgende voorstellen:

1. Een beperkt optioneel regime voor kwalificatie van arbeidsrelaties
In een geheel onbeperkt optioneel regime bepaalt iedere werkende zelf of hij wordt behandeld als werknemer of als zelfstandige. Aan zo’n ruime werkingssfeer kleven echter diverse bezwaren. Een beperkte werkingssfeer is mogelijk wel werkbaar en wordt daarom nader onderzocht.

2. Vermindering van het aantal (fiscale) arbeidsrelaties
Er bestaan momenteel drie soorten fiscale arbeidsrelaties: die van werknemer, resultaatgenieter en ondernemer. Mogelijk kan een vereenvoudiging worden bereikt door van drie soorten fiscale arbeidsrelaties waaruit inkomsten uit arbeid kunnen voortkomen, over te gaan naar twee. Die van resultaatgenieter zou daarbij in elk geval komen te vervallen. In het nadere onderzoek hiertoe wordt dan gekeken naar de vormgeving en toegang tot diverse ondernemersfaciliteiten zoals de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek, de zelfstandigenaftrek, de MKB-winstvrijstelling en de fiscale oudedagsreserve.

3. Beoordeling van arbeidsrelaties aan de hand van objectieve criteria
In dit voorstel worden de mogelijkheden voor objectieve criteria voor werknemerschap en ondernemerschap verder onderzocht. Momenteel bestaat in de praktijk een veelheid aan criteria die tot onduidelijkheid leiden.

4. Uniformering van het fiscale ondernemersbegrip
Momenteel wordt het ondernemerschap voor de inkomstenbelasting en voor de omzetbelasting apart getoetst, met als resultaat dat iemand ondernemer kan zijn voor één van deze belastingen, zonder dat voor de andere te zijn. Dit is voor de betrokkenen lastig te begrijpen. In dit voorstel wordt de definitie van ondernemer in de inkomstenbelasting vervangen door een verwijzing naar de definitie in de omzetbelasting. Iemand is dus automatisch ondernemer voor de inkomstenbelasting als hij dat is voor de omzetbelasting. Dit voorstel wordt nog wel nader onderzocht.

5. Vereenvoudiging en uniformering van de regeling voor fictieve dienstbetrekkingen
In 2004 heeft onder meer het kabinet al aangegeven dat het totaal aan zogeheten fictieve dienstbetrekkingen complex en mogelijk op onderdelen gedateerd is, en dat het daarom toe is aan vereenvoudiging en actualisering. Verder bestaan er verschillen tussen fictieve dienstbetrekkingen in de loonbelasting en in de werknemersverzekeringen. De varianten voor vermindering en uniformering van de fictieve dienstbetrekkingen worden verder onderzocht.

6. Een internetmodule voor het beoordelen van arbeidsrelaties
In Engeland kunnen opdrachtgevers en werkenden voor de bepaling van de fiscale arbeidsrelatie gebruikmaken van een internetmodule. De internetmodule geeft voor het gros van de gevallen op eenvoudige manier stap vo or stap en meteen zekerheid over de fiscale en socialezekerheidsconsequenties van de arbeidsrelatie. De overblijvende bijzondere gevallen worden doorverwezen naar de inspecteur. De minister en staatssecretaris willen de toepasbaarheid van een vergelijkbare internetmodule in Nederland verder laten onderzoeken.

7. Vereenvoudiging van de VAR-systematiek
Er bestaan nu vier verschillende verklaringen arbeidsrelaties (VAR’s), waarvan twee zonder rechtsgevolgen. Dat blijkt in de praktijk verwarring op te leveren. De mogelijkheid wordt verkend om de vier VAR’s te vervangen door één VAR die uitsluitsel geeft over inhoudings- en verzekeringsplicht.

De minister en staatssecretaris geven aan dat alle bovengenoemde voorstellen ook zijn voorgelegd aan de sociale partners, de organisaties van zelfstandigen en vertegenwoordigers van belastingadvies en fiscale wetenschap. Bij de verdere uitwerking worden deze organisaties geconsulteerd. De minister en staatssecretaris verwachten vóór de zomer met verdere uitwerkingen van de voorstellen te kunnen komen.

Bron: PricewaterhouseCoopers

0 Reacties

Er zijn nog geen reacties geplaatst.

Reageer op dit artikel

Naam :
E-mail adres :
Reactie
 
Onthoudt mij
 

- Portret van Adecco
- De Flexmarkt Omzetranglijst 2011

Nog geen abonnee?
Probeer 3 nummers voor € 9,99
.
Het abonnement stopt automatisch.




Sociale media

De LinkedIn-groep van Flexmarkt telt 5.700 leden. Kom ook in contact met branchegenoten of reageer op stellingen van de redactie.
Word lid van de Flexmarkt LinkedIn-groep »

Volg Flexmarkt op Twitter: @Flexmarktnl

Flexmarkt Webshop

Flexmarkt webshopIn de Flexmarkt Webshop vind je als professional op het gebied van arbeidsbemiddeling de boeken, cd-roms en online producten die je helpen je ambities waar te maken.
Naar de webshop »