VNO-NCW, MKB-Nederland, ABU, NBBU en meer tegen uitzendverbod vleesketen

0

VNO-NCW en MKB-Nederland zijn tegen het voorgestelde uitzendverbod in de vleesketen. Volgens de ondernemersorganisaties is een verbod voor een hele sector een te zwaar middel om misstanden bij een deel van de bedrijven aan te pakken. Ook uitzendkoepels ABU en NBBU keren zich tegen het voorstel. De organisaties pleiten voor gerichtere handhaving en willen dat eerst de Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten (Wtta) haar werk kan doen.

VNO-NCW en MKB-Nederland onderschrijven dat uitbuiting, slechte arbeidsomstandigheden en malafide verdienmodellen hard moeten worden aangepakt. Een generiek uitzendverbod vinden zij daarvoor echter niet het juiste instrument. Dat schrijven zij in hun reactie op de internetconsultatie van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

Ook bedrijven zonder arbeidsmigranten geraakt

Een belangrijk bezwaar is volgens VNO-NCW en MKB-Nederland de reikwijdte van het voorgestelde verbod. Voor de afbakening wordt aangesloten bij erkenningen van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) voor bedrijven die met vlees werken.

Volgens de ondernemersorganisaties zijn die erkenningen niet voor dit doel ontwikkeld. Daardoor kunnen ook bedrijven onder het verbod vallen waar vleesverwerking slechts een klein deel van de activiteiten vormt. Zij noemen onder meer industriële bakkerijen, voedingsmiddelenbedrijven en ondernemingen die alleen seizoensmatig vlees verwerken. Ook koel-, vries- en opslagbedrijven met bepaalde NVWA-erkenningen kunnen worden geraakt.

Daarbij wijzen VNO-NCW en MKB-Nederland erop dat het verbod ook ondernemingen kan treffen die niet met arbeidsmigranten werken. Volgens hen is onvoldoende aangetoond dat bij alle bedrijven die onder de voorgestelde afbakening vallen sprake is van structurele en wijdverspreide misstanden.

Flexmarkt Nieuwsbrief

Het laatste nieuws over de flexbranche en de best gelezen artikelen.

‘Laat eerst de Wtta functioneren’

De ondernemersorganisaties willen dat eerst de Wtta de kans krijgt om te functioneren. Die wet treedt in 2027 in werking en biedt volgens VNO-NCW en MKB-Nederland mogelijkheden om uitzendondernemingen te controleren op onder meer loonbetaling, arbeidsvoorwaarden en huisvesting.

Daarnaast zien zij meer in een individueel in- en uitleenverbod. Daarmee kunnen volgens de organisaties specifiek bedrijven worden aangepakt waar ernstige of herhaalde misstanden zijn vastgesteld, zonder dat de gehele sector met een uitzendverbod wordt geconfronteerd.

Ook ABU en NBBU wijzen verbod af

Ook de ABU is tegen het voorgestelde sectorale in- en uitleenverbod. De brancheorganisatie erkent dat er in delen van de vleessector ernstige misstanden zijn en vindt dat die stevig moeten worden aangepakt. Het verbieden van uitzenden is volgens de ABU echter niet de oplossing. “Het verbod laat misstanden niet verdwijnen, het verschuift ze”, schrijft de organisatie in haar consultatiereactie.

De ABU wil onder meer dat malafide partijen gericht worden aangepakt, de capaciteit van de Nederlandse Arbeidsinspectie wordt versterkt en de Wtta wordt benut. Volgens de organisatie is onvoldoende onderbouwd dat een sectoraal verbod noodzakelijk, proportioneel en effectief is.

Lees ook: Flexibele schil krimpt, maar tarieven blijven stijgen

Ook de NBBU vindt dat eerst de mogelijkheden van de Wtta moeten worden benut. De brancheorganisatie waarschuwt dat werk door een verbod kan verschuiven naar minder transparante vormen van dienstverlening. Een algemeen verbod noemt de NBBU “een bot instrument”, omdat daarmee ook bonafide uitleners worden geraakt.

“Een simpel uitzendverbod dat ook goedwillende ondernemers treft, is echter niet het antwoord en daarmee ook niet de oplossing”, schrijft de NBBU. De organisatie wil dat de Arbeidsinspectie en de Wtta eerst hun werk doen en dat daarna wordt beoordeeld of aanvullende maatregelen nodig zijn.

Pleidooi voor uitzonderingen

Mocht het kabinet toch doorgaan met een sectoraal uitzendverbod, dan willen VNO-NCW en MKB-Nederland dat dit zo veel mogelijk wordt gericht op bedrijven waar de risico’s het grootst zijn. Zij pleiten daarbij onder meer voor werkbare uitzonderingen voor het mkb en voor ondernemingen die uitzendkrachten slechts beperkt inzetten, bijvoorbeeld om seizoensdrukte, pieken in het werk of ziekte op te vangen.

Volgens de ondernemersorganisaties is het onrechtvaardig en disproportioneel om goedwillende bedrijven te beperken vanwege misstanden bij andere ondernemingen. Daarmee klinkt vanuit zowel de werkgeversorganisaties als de uitzendbranche stevige kritiek op het voorgestelde sectorale verbod.

Lees ook: Uitzenduren dalen opnieuw, omzet stijgt met 5 procent

Over Auteur

Redacteur Flexmarkt

Reageren is niet mogelijk.