Veel grote Nederlandse werkgevers hebben nog geen besluit genomen over het verhogen van de reiskostenvergoeding naar 25 cent per kilometer. Dat blijkt uit een rondgang van persbureau ANP langs tientallen bedrijven.
Het kabinet kondigde vorige maand aan de maximale onbelaste kilometervergoeding met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2026 te verhogen van 23 naar 25 cent per kilometer. De maatregel maakt deel uit van een breder pakket om de gevolgen van stijgende energie- en brandstofprijzen te verzachten.
Werkgevers wachten af
Uit de inventarisatie van het ANP blijkt dat veel werkgevers voorlopig afwachten of de vergoeding niet verhogen. Onder meer PwC, KPMG, Jumbo, KLM, VodafoneZiggo, DPD en Fastned geven aan nog geen definitief besluit te hebben genomen of verdere politieke besluitvorming af te wachten.
Sommige werkgevers wijzen erop dat veel medewerkers gebruikmaken van openbaar vervoer, thuiswerken of elektrisch vervoer. Banken als ABN Amro, ING en Rabobank behoren tot de organisaties die de vergoeding voorlopig niet verhogen.
Verschillen tussen werkgevers
Een aantal werkgevers voert de hogere vergoeding wel in. Schiphol verhoogde de kilometervergoeding per 1 mei naar 25 cent. Ebusco doet dat met terugwerkende kracht vanaf januari. Ook bouwbedrijf Heijmans kiest voor een verhoging en kondigde daarnaast een extra beloning aan voor medewerkers die eind 2025 al in dienst waren. Bij sommige organisaties lopen cao-onderhandelingen nog, waardoor nog geen definitieve keuzes zijn gemaakt over reiskostenvergoedingen.
Geen automatische verplichting
De verhoging van de fiscale vrijstelling betekent niet automatisch dat werkgevers de vergoeding ook daadwerkelijk verhogen. Werkgevers mogen zelf bepalen of zij de hogere onbelaste ruimte benutten. De discussie over reiskostenvergoedingen speelt breder vanwege stijgende brandstofprijzen, thuiswerken en de vraag hoe werkgevers omgaan met oplopende kosten van woon-werkverkeer.
Lees ook: Statushouders sneller aan het werk, vaak via oproep- of uitzendbaan