Prinsjesdag brengt dit jaar weinig grote verrassingen voor de flexbranche. In de Miljoenennota en begrotingen bevestigt en wijzigt het kabinet vooral eerder aangekondigde plannen. Zo worden ingrepen in de sociale zekerheid uitgesteld, dalen fiscale voordelen voor zelfstandigen verder en wil het Rijk minder extern personeel inhuren. Flexmarkt zet de belangrijkste ontwikkelingen voor flexondernemers op een rij.
Veel maatregelen waren al vóór Prinsjesdag aangekondigd. Op 15 september werd vooral duidelijk welke plannen doorgaan, worden aangepast of juist worden uitgesteld.
Verlaging maximumdagloon van tafel
Een van de opvallendste wijzigingen is het schrappen van de geplande verlaging van het maximumdagloon. In het coalitieakkoord stond nog dat dit bedrag zou worden verlaagd.
Het maximumdagloon bepaalt de maximale hoogte van verschillende werknemersuitkeringen, waaronder de WW, WIA en Ziektewet. Het kabinet ziet nu af van die verlaging.
Ook de verkorting van de maximale WW-duur wordt uitgesteld. Het kabinet wil de maximale duur terugbrengen van 24 naar 12 maanden. Die maatregel stond voor 2028 gepland, maar schuift door naar 1 januari 2029. Ook de daaraan gekoppelde hogere WW-uitkering in de eerste twee maanden wordt uitgesteld.
Flexmarkt Nieuwsbrief
Het laatste nieuws over de flexbranche en de best gelezen artikelen.
Compensatie transitievergoeding blijft in 2027 bestaan
Ook voor werkgevers met langdurig zieke werknemers verandert er voorlopig minder dan eerder aangekondigd.
Het kabinet wilde de compensatie voor de transitievergoeding bij ontslag na langdurige arbeidsongeschiktheid vanaf 2027 afschaffen. Met Prinsjesdag is besloten deze en andere voor 2027 geplande bezuinigingen in de sociale zekerheid een jaar uit te stellen. Werkgevers kunnen daardoor ook in 2027 nog compensatie aanvragen. De eerder voor 2027 geplande afschaffing is met een jaar uitgesteld.
Tegelijkertijd werkt het kabinet aan een bredere hervorming van de transitievergoeding. Daarbij wordt onder meer gekeken of werkgevers die voldoende investeren in bij- en omscholing en re-integratie uiteindelijk minder of geen transitievergoeding hoeven te betalen. Hoe die hervorming precies wordt vormgegeven, staat nog niet vast.
Fiscale voordelen voor zelfstandigen verder omlaag
Voor zelfstandigen wordt het fiscale voordeel opnieuw kleiner. De zelfstandigenaftrek daalt van € 1.200 in 2026 naar € 900 in 2027. In 2023 bedroeg deze aftrek nog € 5.030.
Ook andere fiscale voordelen voor startende ondernemers staan op de nominatie om te verdwijnen. Het kabinet stelt voor de startersaftrek per 2028 af te schaffen. Ook de mogelijkheid voor starters om willekeurig af te schrijven moet dan verdwijnen. Daarmee worden de fiscale verschillen tussen werknemers en zelfstandigen verder verkleind.
Lees ook: SNF scherpt huisvestingsnorm arbeidsmigranten aan per 1 oktober
Eind september meer duidelijkheid over Zelfstandigenwet
Naast de Prinsjesdagplannen werkt het kabinet verder aan nieuwe regels voor zzp’ers. Minister Aartsen van Werk en Participatie wil eind september een conceptvoorstel voor een nieuwe Zelfstandigenwet presenteren.
De wet moet opdrachtgevers, bureaus en zzp’ers vooraf meer duidelijkheid geven over de vraag wanneer iemand als zelfstandige kan werken. Het kabinet werkt daarvoor aan een zelfstandigentoets en een werkrelatietoets. Hoe die toetsen precies worden ingevuld, moet in het conceptwetsvoorstel duidelijker worden.
Na onder meer internetconsultatie, uitvoeringstoetsen en advies van de Raad van State moet het voorstel in 2027 door het parlement worden behandeld. De beoogde ingangsdatum is 1 januari 2028.
Rechtsvermoeden bij laag zzp-tarief vanaf 2027
Los van de Zelfstandigenwet komt er een rechtsvermoeden van een arbeidsovereenkomst voor zelfstandigen met een laag uurtarief. De Eerste Kamer stemde in juni in met deze wet. Werkt een zelfstandige onder het vastgestelde uurtarief en stelt hij of zij dat eigenlijk sprake is van een arbeidsovereenkomst, dan verschuift de bewijslast naar de opdrachtgever. Die moet dan aantonen dat er sprake is van zelfstandigheid. De wet verandert dus niet automatisch iedere opdracht onder dat tarief in een arbeidsovereenkomst.
De wet treedt op 1 januari 2027 in werking. Het uitgangspunt voor het uurtarief is € 38 op prijspeil 1 januari 2026. Het uiteindelijke bedrag kan door indexatie hoger uitvallen. Voor bemiddelaars en opdrachtgevers die met zzp’ers werken, wordt dit daarmee een belangrijk aandachtspunt.
Minder externe inhuur bij het Rijk
Voor detacheerders en andere leveranciers van extern personeel is ook de bezuiniging op de Rijksoverheid relevant. Het kabinet wil minder gebruikmaken van externe inhuur.
Het doel is om externe inhuur terug te brengen naar maximaal 10 procent van de totale personele uitgaven. Ook wil het kabinet de overhead bij ministeries terugbrengen en waar mogelijk meer gebruikmaken van digitalisering en AI. Voor bureaus die veel personeel leveren aan de Rijksoverheid kan dat gevolgen hebben voor de vraag naar extern personeel.
Whk-premies stijgen
Werkgevers krijgen in 2027 ook te maken met hogere gemiddelde premies voor de Werkhervattingskas (Whk). De gemiddelde WGA-premie stijgt met 0,11 procentpunt naar 1,07 procent. De gemiddelde Ziektewetpremie stijgt met 0,04 procentpunt naar 0,60 procent van het premieplichtige loon. De daadwerkelijke premie verschilt per werkgever, onder meer afhankelijk van de omvang van de onderneming en het arbeidsongeschiktheidsrisico.
Vanaf 2028 geen huur meer inhouden op minimumloon arbeidsmigrant
Een andere belangrijke ontwikkeling voor uitzendondernemingen die met arbeidsmigranten werken, gaat over huisvesting. Werkgevers mogen nu onder voorwaarden maximaal 25 procent van het brutominimumloon inhouden voor huisvestingskosten. Minister Vijlbrief wil die mogelijkheid per 1 juli 2028 afschaffen.
Het kabinet wil daarmee voorkomen dat huisvesting en inhoudingen op het minimumloon als verdienmodel worden gebruikt. Ook moet de afhankelijkheid van arbeidsmigranten van hun werkgever voor huisvesting kleiner worden.
Kabinet werkt aan uitzendverbod vleessector
Ook het aangekondigde uitzendverbod in de vleessector is voor de flexbranche belangrijk. Het kabinet wil het gebruik van uitzendkrachten in de vleesverwerkende industrie vanaf medio 2028 verbieden. Het voorstel voor het verbod is nog in procedure. Brancheorganisaties ABU en NBBU hebben zich ertegen uitgesproken en waarschuwen onder meer voor een verschuiving naar andere arbeidsconstructies.
Het gaat dus nog om een voorgenomen verbod en niet om een maatregel die al definitief is ingevoerd.
Onbelaste kilometervergoeding naar € 0,25
Het kabinet stelt voor de maximale onbelaste kilometervergoeding te verhogen van € 0,23 naar € 0,25 per kilometer, met terugwerkende kracht tot 1 januari 2026.
Werkgevers kunnen dat bedrag belastingvrij vergoeden voor bijvoorbeeld woon-werkverkeer en zakelijke kilometers. Een werkgever is niet verplicht daadwerkelijk € 0,25 te betalen: het gaat om het maximale bedrag dat fiscaal onbelast kan worden vergoed.
De maatregel maakt onderdeel uit van het Belastingplan 2027 en is dus nog niet definitief. De Tweede en Eerste Kamer moeten de wetsvoorstellen nog goedkeuren.
Lees ook: Kabinet wil voorkomen dat zzp’ers opdrachten mislopen
Expatregeling naar 27 procent
Voor flexbedrijven en detacheerders die internationale kenniswerkers inzetten, verandert vanaf 2027 ook de expatregeling. De maximale belastingvrije vergoeding gaat voor nieuwe gevallen van 30 naar 27 procent. Ook gaat een hogere salarisgrens gelden. Voor werknemers die al eerder van de regeling gebruikmaakten, gelden afhankelijk van het moment waarop zij zijn begonnen overgangsregels.
Loondoorbetaling bij ziekte moet werkbaarder worden
Ten slotte wil het kabinet het stelsel rond ziekte en arbeidsongeschiktheid beter uitvoerbaar maken voor werkgevers. Een van de plannen is om kleine en middelgrote werkgevers meer ruimte te geven om zich in het tweede ziektejaar te richten op werkhervatting bij een andere werkgever. Ook moet het oordeel van de bedrijfsarts een grotere rol krijgen bij de beoordeling van het re-integratieverslag.
Daarnaast onderzoekt het kabinet hoe de administratieve lasten rond de Wet verbetering poortwachter kunnen worden teruggedrongen. Voor flexwerkgevers blijven ziekte, re-integratie en arbeidsongeschiktheid belangrijke onderwerpen, omdat ze direct invloed kunnen hebben op de werkgeverslasten.
Veel plannen nog niet definitief
Niet alle maatregelen zijn al definitief. Het Belastingplan 2027 moet nog door de Tweede en Eerste Kamer worden behandeld en verschillende andere plannen bevinden zich nog in de voorbereiding of wetgevingsprocedure.
De rode draad voor de flexbranche is voorlopig duidelijk: een aantal eerder aangekondigde bezuinigingen op de sociale zekerheid wordt uitgesteld, terwijl op andere terreinen juist nieuwe regels en hogere kosten dichterbij komen. Vooral rond zzp, arbeidsmigranten, ziekte en arbeidsongeschiktheid en de inzet van uitzendkrachten staan de komende jaren grote veranderingen op stapel.