De handhaving op schijnzelfstandigheid blijft ook in 2026 een belangrijk aandachtspunt voor werkgevers en opdrachtgevers. Hoewel de Belastingdienst opnieuw werkt met een zogenoemde ‘zachte landing’, is die minder vrijblijvend dan in 2025. Vakblad PW zette de belangrijkste vragen en antwoorden op een rij. Dit zijn de hoofdlijnen.
1. Wat betekent de verlengde ‘zachte landing’ in 2026?
De Belastingdienst handhaaft op schijnzelfstandigheid, maar met verzachtende maatregelen. Zo worden wel vergrijpboetes opgelegd, maar nog geen verzuimboetes. Naheffingen kunnen teruggaan tot 1 januari 2025. Vanaf 2027 vervallen deze verzachtingen.
2. Is dit opnieuw uitstel van echte handhaving?
Volgens arbeidsrechtadvocaten hangt de verlenging samen met krapte op de arbeidsmarkt en politieke onzekerheid. Tegelijkertijd benadrukt de Belastingdienst dat de handhaving wel degelijk is gestart, met risicogestuurde bedrijfsbezoeken.
3. Wat zijn de financiële risico’s?
Als een zzp’er achteraf als werknemer wordt aangemerkt, kan de opdrachtgever loonheffingen en premies moeten nabetalen. Dat kan oplopen tot tienduizenden euro’s per zzp’er, exclusief eventuele boetes en pensioenverplichtingen.
4. Wat als de zzp’er niet in dienst wil?
Dat verandert niets aan het risico. De verantwoordelijkheid ligt bij de opdrachtgever. De Belastingdienst beoordeelt de feitelijke werksituatie, niet de wens van de zzp’er.
5. Wanneer is iemand zzp’er en wanneer werknemer?
Er wordt gekeken naar het totaalbeeld van de arbeidsrelatie, op basis van jurisprudentie (zoals het Deliveroo-arrest). Geen enkel criterium is doorslaggevend; het gaat om een samenhangende beoordeling van onder meer gezag, risico en ondernemerschap.
6. Kun je zzp’ers inzetten bij ziekte of piek?
Dat is risicovol. Tijdelijke contracten, uitzendkrachten of interne flexpools zijn vaak veiliger opties. Ook bij inzet via een intermediair blijft de inlener verantwoordelijk voor de juiste toepassing van de regels.
7. Hoe bereid je je voor op controle?
Belangrijk is om inzicht te hebben in welke zzp’ers voor je werken, welk werk zij doen en hoe de aansturing in de praktijk verloopt. Regelmatig evalueren en het gesprek aangaan met zzp’ers en adviseurs verkleint de risico’s.
Wetgeving blijft in beweging
Parallel aan de handhaving lopen politieke trajecten zoals de Wet VBAR en het alternatieve voorstel voor een Zelfstandigenwet. Welke wetgeving uiteindelijk wordt ingevoerd, staat los van de huidige handhaving: die vindt plaats op basis van de bestaande Wet DBA en rechtspraak.
Voor de volledige uitleg, juridische duiding en rekenvoorbeelden verwijst Flexmarkt.nl naar het uitgebreide artikel van PW.
Lees ook: Ajax, Olympia en Stichting Lezen en Schrijven vragen aandacht voor laaggeletterdheid op de werkvloer