De Nederlandse flexbranche verwacht in 2026 gematigde omzetgroei. Maar de verwachtingen zijn erg wisselend. De tarieven stijgen waarschijnlijk verder terwijl het aantal flexbedrijven dat wordt ingezet juist onder druk staat. Bedrijven blijven investeren, vooral in AI. Vaak met als doel om gezonde marges te behouden. Opvallend is dat kleinere bedrijven een stuk optimistischer zijn dan grote spelers in de branche.
Tekst: Pieter de Vries
Dat alles blijkt uit de analyse van het jaarlijks onderzoek waaraan Nederlandse flexbedrijven hebben deelgenomen, uitgevoerd door Flexmarkt. Een ruime meerderheid van de flexbedrijven verwacht omzetgroei in 2026 ten opzichte van 2025, maar een kwart verwacht juist krimp. Dat maakt het beeld minder eenduidig dan het groeicijfer op het eerste gezicht doet vermoeden. Met name uitzendbedrijven en detacheerders zijn optimistisch: plusminus dertig procent is zelfs uitgesproken positief. Dat optimisme hangt vooral samen met groei bij bestaande klanten, het aantrekken van nieuwe opdrachtgevers en een focus op specifieke niches en nieuwe groeipaden.
Freelance-bemiddelaars vormen een duidelijke uitzondering en zijn aanmerkelijk negatiever over de markt. De aanhoudende onzekerheid over de Wet DBA speelt hierbij een belangrijke rol. Die onzekerheid zit niet zozeer in de wet zelf, maar vooral in de handhaving. Zolang opdrachtgevers niet zeker weten onder welke voorwaarden zij freelancers zonder risico kunnen inzetten, blijven zij terughoudend.
Tarieven stegen fors en blijven stijgen
In 2025 verhoogden negen op de tien bedrijven hun tarieven. De belangrijkste drijfveren hiervoor zijn de stijgende loonkosten, cao-wijzigingen en regelgeving over gelijke beloning. Deze factoren bewegen uitzenders ertoe om kosten door te rekenen aan opdrachtgevers. Slechts drie procent van de bedrijven zag hun tarieven dalen. Voor deze kleine groep zal dit waarschijnlijk samenhangen met een afnemende vraag in delen van de markt, toenemende concurrentiedruk en sectorspecifieke ontwikkelingen. Daardoor verlagen sommige partijen tarieven om opdrachten binnen te halen.
Flexondernemers verwachten dat de tariefstijgingen in 2026 aanhouden. Nieuwe en aangescherpte regelgeving, loonstijgingen en indexaties zorgen opnieuw voor hogere kosten. Ook in 2026 proberen flexbedrijven de prijsstijgingen zoveel mogelijk door te rekenen aan hun opdrachtgevers. Kortom, de sector groeit, waarbij hogere tarieven een belangrijke motor achter die groei zijn. Voor opdrachtgevers wordt flexibele arbeid daarmee structureel duurder, wat op termijn druk kan zetten op de vraag.
Lees ook: Kabinet wil compensatie transitievergoeding vanaf 2027 afschaffen
Voorzichtig herstel personeelsbestand
Het aantal flexkrachten laat in 2025 een wisselend beeld zien: groei en krimp houden elkaar in balans. Hogere tarieven spelen daarbij een duidelijke rol. Flexwerk wordt duurder, waardoor opdrachtgevers kritischer worden bij het inzetten van extern personeel en uitbreiding minder vanzelfsprekend is.
Tussen de verschillende segmenten lopen de ontwikkelingen uiteen. Detachering laat een duidelijke omslag zien: van een verdeeld beeld in 2025 naar een overwegend positief vooruitzicht voor 2026. Dit kan samenhangen met de aanhoudende vraag naar specialistische profielen en de structurele krapte op de arbeidsmarkt, waardoor opdrachtgevers bereid blijven om capaciteit extern in te huren. Uitzenders bewegen geleidelijk in dezelfde richting en worden voorzichtiger optimistisch. In dit segment speelt mee dat de vraag naar flexibel personeel zich voorzichtig herstelt na een zwakkere periode. Al blijven opdrachtgevers voorzichtig door economische onzekerheid en kostenstijgingen. Freelance-bemiddelaars blijven achter. Zij kenden een zwak 2025 dat met name veroorzaakt werd door de aanhoudende onzekerheid over hoe de Wet DBA in de praktijk wordt gehandhaafd. Voor 2026 wordt echter licht herstel verwacht. Dat herstel kan samenhangen met het feit dat de markt zich geleidelijk aanpast aan de nieuwe realiteit. Dat terwijl de behoefte aan flexibele en specialistische inzet onverminderd aanwezig blijft.
Voor 2026 wordt het beeld voorzichtig positiever. Meer bedrijven verwachten groei dan krimp in het personeelsbestand. Dit ligt in lijn met de positieve omzetverwachtingen. Daarbij geven flexondernemers aan dat groei niet alleen uit tariefverhogingen hoeft te komen, maar ook weer bij volume kan landen.
Investeren in AI: bijblijven
De investeringsbereidheid in de sector is opvallend hoog: 93 procent van de bedrijven is van plan om in 2026 te investeren en bijna de helft zelfs meer dan in 2025. AI speelt een centrale rol en wordt in veertig procent van de gevallen als belangrijkste investeringsfocus genoemd. Daarnaast investeren bedrijven in procesautomatisering, recruitmentsystemen en softwareoptimalisatie. Digitalisering en AI worden daarbij niet alleen gezien als een middel om efficiënter te werken, maar ook om de toenemende margedruk op te vangen en te voldoen aan strengere regelgeving. Voor veel bedrijven is investeren in technologie daarmee een noodzakelijke stap om concurrerend en compliant te blijven.
“Grote bedrijven hebben vaker te maken met complexe regelgeving, meerdere cao’s en
hogere vaste kosten.”
Kleine bedrijven optimistisch
Hoewel er duidelijke verschillen zijn tussen kleine en grote flexbedrijven, overheerst het optimisme richting 2026. Bij bedrijven met een omzet onder vijftig miljoen euro is 61 procent positief over het zakelijk succes van hun organisatie. Bij grotere spelers met een omzet boven de vijftig miljoen euro ligt dit aandeel aanzienlijk lager: rond de veertig procent.
Grote bedrijven hebben vaker te maken met complexe regelgeving, meerdere cao’s en hogere vaste kosten. De toenemende regeldruk weegt daardoor zwaarder. Dat draagt mogelijk bij aan een meer voorzichtige houding ten opzichte van 2026. Kleinere bedrijven zijn doorgaans wendbaarder en kunnen sneller inspelen op veranderende omstandigheden. Dat kan verklaren waarom zij optimistischer zijn.
Toekomst van de sector
De flexbranche groeide in 2025 en die lijn lijkt zich door te zetten in 2026. Het karakter van die groei verandert wel. De omzet stijgt vooral door hogere tarieven en minder door een grotere inzet van flexkrachturen. Bedrijven investeren volop in technologie. Dat doen ze vaak met een defensief doel: marges beschermen en voldoen aan strengere regelgeving.
Tegelijkertijd worden de verschillen binnen de sector steeds zichtbaarder. Kleine spelers (minder dan 50 miljoen euro omzet) bewegen sneller en spelen gerichter in op veranderingen. Grotere organisaties (meer dan 50 miljoen euro omzet) zijn vaker terughoudend, mede door zwaardere compliance-eisen en hogere vaste kosten. Schaalgrootte alleen biedt daarmee steeds minder vanzelfsprekend een voordeel.
Deze ontwikkeling is ook zichtbaar in de overnamemarkt. Waar waarderingen voor overname van flexbedrijven voorheen sterk samenhingen met omvang, verschuift de focus steeds meer naar de kwaliteit van de organisatie. Bedrijven die hun compliance op orde hebben, technologie effectief inzetten en zich duidelijk en onderscheidend in de markt positioneren, maken in positieve zin het verschil. Aanpassingsvermogen speelt daarbij een steeds grotere rol in hoe bedrijven worden gewaardeerd.
Stijgende loonkosten, nieuwe cao’s en wijzigingen in wet- en regelgeving zorgen voor structureel hogere tarieven. Daardoor wordt flexwerk duurder. De flexmarkt propositie verschuift daarmee van kostenvoordeel naar toegang tot schaars talent en ontzorging. Bedrijven die (blijven) concurreren op prijs komen onder druk te staan. Wie gericht investeert in technologie, compliance en niche-expertise, bouwt daarmee aan een duurzaam concurrentievoordeel.
Dit artikel is geschreven door Pieter de Vries van Corporate Finance International. CFI is een wereldwijde mid-market M&A-boutique die bedrijven begeleidt bij fusies, overnames en strategische transacties. De organisatie heeft een sterke sectorfocus op business services, software & IT en industrial services en combineert diepgaande expertise met lokaal marktinzicht.
Over de Flexbarometer
Flexmarkt deed onderzoek onder aanbieders van flexibele arbeidskrachten naar het sentiment in de flexbranche. Meer dan honderd aanbieders deden mee aan dat onderzoek. Dit jaar is het onderzoek verbreed naar alle flexbedrijven, niet alleen uitzendorganisaties. Voor aanlevering van de gegevens is de redactie van Flexmarkt afhankelijk van de medewerking van flexbedrijven. Hoewel de informatie met zorg is samengesteld, is het mogelijk dat deze onvolledig of onjuist is. Daar zijn geen rechten aan te ontlenen.