De belangrijkste wijzigingen in de uitzendcao op een rij

0

Vanaf 1 januari 2026 is de nieuwe cao voor uitzendkrachten van kracht. Deze is afgesloten door LBV, ABU en NBBU. FNV is tegen het door hen afgesloten contract. Maar wat zijn de belangrijkste wijzigingen voor de uitzendcao? Hieronder zetten we ze op een rij. 

1. Gelijkwaardige arbeidsvoorwaarden

De nieuwe cao vervangt het begrip inlenersbeloning door het principe van gelijkwaardige arbeidsvoorwaarden.
– Essentiële arbeidsvoorwaarden zijn o.a. loon, arbeidstijden, overwerk, vakantie, feestdagen.
– Niet-essentiële arbeidsvoorwaarden omvatten o.a. pensioen (alleen werkgeversbijdrage telt mee).
– Werkgevers moeten een “arbeidsvoorwaardenmandje” samenstellen dat qua waarde gelijk is aan dat van de inlener.

Benieuwd naar meer flexnieuws? Schrijf je dan nu in voor de nieuwsbrief

2. Complexiteit en uitvoerbaarheid

– Door de uitspraak van de Hoge Raad (Dosign-arrest) en het wetsvoorstel Wet meer zekerheid flexwerkers (WMZF) is de cao juridisch complex.
– De cao is alleen ondertekend door LBV, niet door FNV en CNV.
– De uitvoerbaarheid wordt betwijfeld vanwege de vele berekeningen en interpretaties die nodig zijn.

3. Praktische gevolgen

– Pensioenpremie voor StiPP stijgt van 8% naar 15% per januari 2026.
– Auto van de zaak en andere vergoedingen moeten gewaardeerd en verrekend worden.
– Software en administratie moeten aangepast worden aan nieuwe berekeningsgrondslagen.

Lees ook: Column Mouselli: cao-wijzigingen meest ingrijpende in de geschiedenis

4. Arbeidsmigranten en uitruilregelingen

– De ET-regeling is herzien; uitruil van arbeidsvoorwaarden is mogelijk tot 30% van het brutoloon. De ET-regeling is een fiscale regeling in Nederland die bedoeld is voor buitenlandse werknemers die tijdelijk in Nederland werken en daardoor extra kosten maken, zoals dubbele huisvestingskosten, reiskosten naar het land van herkomst en kosten voor levensonderhoud.
– Vakantietoeslag mag nu wel uitgeruild worden, wat eerder niet mocht.

5. Overige wijzigingen

– Oproeptermijn: mag worden verkort als de inlener dat ook doet.
– Tijd-voor-tijdregeling versoepeld.
– Jaarurennorm: mag worden overgenomen van de inlener.
– Aanvulling Ziektewetuitkering: verplicht opgenomen, ook al is gebruik onzeker.
– Leegloopregeling basisloon geldt bij wegvallen van werk.
– Sociaal Fonds Uitzendbranche: moet gelijkwaardige voorzieningen bieden.
– Fasesystematiek: wordt aangepast zodra WMZF van kracht wordt.

Lees ook: Mark Remie (Easyflex): 
‘De CAO-transitie is een gamechanger, maar we laten niemand alleen’

6. AVV-status en toepassing

– Cao geldt per 1 januari 2026 voor leden van ABU en NBBU.
– Voor niet-leden geldt de cao pas na Algemeen Verbindend Verklaring (AVV).
– Zonder AVV mag je de cao alleen toepassen als je die expliciet opneemt in de overeenkomst, maar dan vervallen sommige voordelen.

Download hier de hele cao voor uitzendkrachten.

Over Auteur

Ronald Bruins is hoofdredacteur van Flexmarkt.

Reageren is niet mogelijk.