Wtta: kosten heet hangijzer, uitzenden wordt duurder

0

Het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid gaat een eenheid inrichten voor de uitvoering van de Wtta. Over de kosten van de toelating en de kosten voor de toelatende instantie is veel te doen. Uitleners betalen de prijs en het kan niet anders dan dat uitzenden duurder gaat worden.  

Eerst schetst Van Hijum in de brief het beeld waaronder de Wtta is ontstaan. “Veel misstanden komen door malafide uitzendbureaus en hun inleners die een verdienmodel hebben gemaakt van onderbetaling van arbeidskrachten, aanbieden van ondermaatse huisvesting of niet afdragen van juiste belastingen en premies. Dat raakt niet alleen de meest kwetsbare mensen – waaronder arbeidsmigranten – maar ook uitleners, inleners, uitzendkrachten en zelfs reguliere werknemers die minder sterk in hun schoenen staan. Het is een ‘race naar de bodem’ die ervoor zorgt dat bedrijven die zich netjes aan de wet houden, weggeconcurreerd worden door degenen die dat niet (willen) doen. De problematiek is hardnekkig, mede doordat malafide uitzendbureaus alert en creatief zijn. Het kabinet zet daarom in op verschillende maatregelen om de problematiek aan te pakken. Een van die maatregelen is de Wtta.”

Lees ook: 11 vragen aan Jasper Bolland: “DBA en WTTA vergroten onze kansen”

Race naar de bodem afremmen

In dit wetsvoorstel zijn volgens de minister “verschillende sloten ingebouwd om de wettelijke bodem te handhaven waar sommige uitzendbureaus momenteel moedwillig doorheen zakken: een toetredingsmechanisme, periodieke controles door private inspectieinstellingen voor alle ondernemingen met een toelating, verdere intensivering van het publiek toezicht en het aanspreken en kunnen beboeten van de inlener. Deze sloten zijn nodig om de race naar de bodem af te remmen, waardoor het voor welwillende uitleners en inleners makkelijker wordt om als goede werkgevers kwaliteit te bieden aan hun klanten en arbeidskrachten.”

Van Hijum: “Het is een ‘race naar de bodem’ die ervoor zorgt dat bedrijven die zich netjes aan de wet houden, weggeconcurreerd worden.”

Toelatende instantie als werktitel

Het gezicht van de toelatingswet wordt een uitvoeringsorganisatie met als werktitel de toelatende instantie. Van Hijum: “De toelatende instantie zal namens de minister besluiten nemen over toelatingen van uitleners – waaronder schorsingen en intrekkingen van toelatingen – op basis van ontvangen inspectierapporten van private inspectie-instellingen, gegevensuitwisseling met stelselpartijen, zoals de Arbeidsinspectie en de Belastingdienst, en op basis van signaalmanagement. De toelatende instantie moet ook een strategische rol spelen, zodat zij tijdig en effectief kan inspelen op gebeurtenissen in de markt, samen met stelselpartijen.”

Lees ook: FlexForward over DBA, WTTA, AI en opleiden: er komt veel op flexondernemers af

Geen datum voor inwerkingtreding

De minister heeft nog geen datum voor de inwerkingtreding. “Op dit moment kan ik nog geen definitieve datum voor inwerkingtreding noemen. Alhoewel ik hier het liefst zo snel mogelijk duidelijkheid over zou geven, is daarvoor nog wat extra tijd nodig. Deze datum en de planning er naartoe zijn namelijk afhankelijk van de te zetten stappen voor het opzetten van een eigenstandige eenheid binnen mijn ministerie, zoals de inrichting van de informatievoorziening en huisvesting.”

Private inspectie-instellingen

Dan volgen in de brief de kosten voor uitleners. “De kosten voor uitleners volgen voor een groot deel uit de controles die zij door private inspectie-instellingen moeten laten uitvoeren. Hoe lang die controles duren, volgt in belangrijke mate uit de inhoud van het normenkader en het inspectieschema. Over de inhoud daarvan hebben de sociale partners een zwaarwegende adviesrol. Als in de praktijk blijkt dat inspectie-instellingen ongerechtvaardigd hoge tarieven hanteren voor hun diensten, biedt het wetsvoorstel een grondslag om deze tarieven bij ministeriële regeling te maximeren. In het overgangsrecht is opgenomen dat uitleners die door een gebrek aan inspectiecapaciteit nog niet in staat zijn geweest een inspectierapport in te leveren, onder voorwaarden mogen blijven uitlenen zonder toelating.”

Lees ook: 8 misverstanden over de handhaving op schijnzelfstandigheid

Verschillende aannames voor werkstromen

De kosten voor uitleners bestaan met name uit de financieringskosten voor de waarborgsom, de kosten voor controles door inspectie-instellingen, en de kosten voor de vergoeding van de toelatende instantie. Het ministerie werkte verschillende scenario’s uit voor de mogelijke kosten voor uitleners. “In deze scenario’s worden verschillende aannames gedaan over de verhouding tussen werkstromen voor meer of minder complexe zaken, het aantal bezwaarzaken tegen afwijzingsbesluiten, en het aantal werkdagen per zaak voor de middelcomplexe werkstroom. Daarnaast worden enkele scenario’s gegeven voor de nog vast te stellen differentiatie in vergoedingshoogte naar bedrijfsomvang.”

Uitleners gaan kosten betalen

Martkpartijen reageren verbolgen op de kosten die uitleners maken voor de toelatende instantie. Advocaat in flexwerk Hendarin Mouselli: “Uitleners gaan zoals het er nu naar uitziet de kosten van dit stelsel betalen gedifferentieerd naar bedrijfsgrootte. Inleners gaan die kosten indirect betalen via de kostprijs. Dat brengt mij bij het eerste punt, de brief van de vakbonden, want die kostprijs gaat gegarandeerd omhoog met het Dosign-arrest in ons achterhoofd, de stijging van de StiPP-pensioenlasten en andere kostprijsstijgingen die de markt te wachten staan.” Advocaat Maaike Mienhardt: “Gaan uitzendkrachten duurder worden? Dat lijkt onvermijdelijk als het wetsvoorstel Wtta gaat gelden en een toelatingssysteem (vergunningen) voor uitzendbureaus wordt ingevoerd en een nieuwe uitvoeringsinstantie toelatende Instantie wordt ingericht. De kosten komen in eerste instantie voor rekening van de uitzendbureaus en zullen worden doorberekend aan de inleners.”

De ABU: “De ABU vindt het – net als de minister – belangrijk dat er een robuuste uitvoeringsorganisatie komt. Wel uit de ABU kritiek op de onduidelijkheid rondom de kosten voor uitleners. De huidige berekeningen bieden nauwelijks inzicht in de kosten en bevatten te veel onzekerheden. De ABU mist op dit punt een concrete ambitie van de minister en roept op tot meer helderheid over de termijn waarop uitleners weten waar ze aan toe zijn.”

Over Auteur

Ronald Bruins is hoofdredacteur van Flexmarkt.

Reageren is niet mogelijk.