Door hoeveel hoepels moet je als flexondernemer springen voordat het genoeg is? En wat is dan genoeg? Nee, dit is geen poging om je in de put te praten. Integendeel. Ik steek liever een hart onder de riem.
Maar dat het met de overgang naar de nieuwe cao per afgelopen jaarwisseling en de komende Wtta per 2027 veel is, is je vast niet ontgaan. Dat het een enorme klus was om gelijkwaardige beloning in te regelen, hoorden we van drie flexondernemers die hierover hun verhaal deelden. Een verhaal van het matchen van heel veel cao’s, het aanpassen van systemen en maar beperkt winst voor uitzendkrachten. Dat terwijl de hele cao-exercitie, inclusief ruzie met de bonden, daar juist om ging. Laten we de arbeidsvoorwaarden, ook onder druk van de politiek, gelijktrekken.
In de rij
De uitzendkrachten zijn er volgens de flexondernemers nauwelijks iets mee opgeschoten. Daarmee is de vraag of de hele exercitie wel de grote moeite waard was. Daarbij komt dat de volgende hoepel alweer klaarstaat: de Wtta. Duizenden uitzenders moeten gecertificeerd worden. Ronduit zorgwekkend is dat één van de certificerende instellingen benoemt dat weinig uitzenders op de hoogte zijn van de nieuwe verplichtingen. Tachtig tot negentig procent van alle uitzenders heeft er nog geen kaas van gegeten. Flauw gezegd zou ik dan kunnen zeggen: lees Flexmarkt.nl en je bent bij. Maar laten we verder kijken dan dat. Er kan richting 1 januari 2027 een stormloop op de certificerende instellingen zoals Normec VRO en Cicero ontstaan. Daarna vormt zich een rij bij de Nederlandse Autoriteit Uitleenmarkt.
Geen gelijk speelveld
Mijn inschatting? Grote kans dat we 1 januari 2027 niet halen. Ik denk zelfs dat we dan overgaan op ouderwets gedogen totdat de Arbeidsinspectie per 1 januari 2028 gaat handhaven. Ondanks alles zijn de drie ondernemers opmerkelijk positief over de Wtta. Goed dat het wordt ingevoerd, hoor ik. Als de cowboys maar uit de markt verdwijnen. Alhoewel ook daar een kanttekening past. De Wtta moet zorgen voor opschoning. Maar er blijven risico’s, constateert de door ons geïnterviewde Nedflex-CEO Nick Bos. Denk aan A1-verloningen of buitenlandse constructies. Dat blijft een nadeel van een interne Europese markt waarbij er geen gelijk speelveld is in arbeidsvoorwaarden.
Maar ik was blij verrast door het positivisme van de ondernemers. Ik had dat niet verwacht. Cao, kostenstijgingen of Wtta… Ze slaan zich erdoor. Dit zijn niet de enige hoepels waar ze in al die jaren doorheen moesten springen. Al jarenlang stapelt wijziging zich op wijziging. Maar deze drie flexondernemers liet zien dat ze rasondernemers zijn. Optimisten pur sang, altijd op zoek naar kansen en niet te verslaan. Dat verdient alleen maar applaus en een diepe buiging.
Ronald Bruins, hoofdredacteur Flexmarkt
Wil je reageren? ronaldbruins@vmnmedia.nl
Lees ook: SNCU haalde in 2025 meer geld op voor benadeelde uitzendkrachten