Discriminatie: NBBU en ABU leggen verantwoording af over aanpak

2

De brancheverenigingen NBBU en ABU gaan vandaag in gesprek met staatssecretaris Paul de Krom over discriminatie in de uitzendbranche.

Ze zullen daar aan de staatssecretaris melden welke stappen zij ondernemen om dit tegen te gaan. Ook het Landelijk Overleg Minderheden (LOM) is bij het gesprek aanwezig. 

Eind 2011 bleek uit onderzoek van de Vrije Universiteit dat ruim driekwart van de uitzendbureaus verzoeken inwilligde van werkgevers die aangaven dat ze geen Turks, Marokkaans of Surinaams personeel willen. Het onderzoek over discriminatie in de uitzendbranche zorgde voor de nodige ophef, ook bij de "geschrokken" brancheverenigingen zelf. De ABU en de NBBU beloofden toen stappen te nemen.

In gesprek
Het nieuws zorgde ook voor kamervragen en staatssecretaris Paul de Krom zei dat hij "op korte termijn" in gesprek zou gaan met de ABU, de NBBU en het Landelijk Overleg Minderheden (LOM). 

Training
Het onderzoek vormde ook de aanleiding voor de NBBU en de ABU om workshops en trainingen te ontwikkelen voor intercendenten, zodat zij beter voorbereid zijn op discriminatie en discriminerende verzoeken.

Tips: hoe om te gaan met discriminatoire verzoeken?
De NBBU komt vandaag alvast met een reeks tips om verstandig met discriminerende verzoeken om te gaan, zo meldt de branchevereniging in een persbericht. De tips zijn opgedeeld in vijf korte hoofdstukken: Wees voorbereid – Oordeel niet, stel vragen – Overtuig met argumenten en voorbeelden – Vraag vertrouwen – en, Neem uw verantwoordelijkheid. Kijk hier voor de tips van de NBBU om verstandig met discriminatie om te gaan.

Niet alleen op basis van etnische achtergrond
“Wij trekken deze training breder dan het VU-onderzoek. Het gaat niet alleen discriminerende verzoeken op basis van etnische achtergrond, maar ook op basis van geslacht, leeftijd, lichamelijke beperkingen of seksuele geaardheid,” aldus de NBBU in het persbericht.

Discriminatie
“Bij discriminatie gaat het om uitsluiting van mensen voor vacatures op grond van niet-relevante criteria. Een discriminerend verzoek van een inlener kan heel expliciet zijn, maar ook impliciet, doordat bijvoorbeeld eisen gesteld worden aan de kandidaten die onnodig hoog en/of niet relevant zijn voor de functie.”

De NBBU stelt ook geïnteresseerd te zijn naar aanvullende tips of ervaring op dit vlak en roept lezers op ze aan de NBBU door te geven.

Lees ook:
Driekwart uitzendbureaus honoreert discriminatie

Over Auteur

redactieflexmarkt

De redactie van Flexmarkt zorgt er gezamenlijk voor dat jij op de hoogte blijft van inspirerende en vooral betrouwbare vakinformatie over gerelateerde onderwerpen op gebied van flexwerkers, ondernemen, payroll en de uitzendbranche.

2 reacties

  1. Avatar

    Casus: in een wasserij werken veel medewerkers van Turkse komaf. Er is een vacature vrij en het UWV levert Marrokaanse medewerkers aan.

    In het verleden is al vaker gebleken dat dit niet werkt. De medewerkers krijgen onderling conflicten. Is het dan verstandiger om dit te voorkomen??

  2. Avatar

    Niet alleen de uitzendbedrijven discrimineren buitenlandse werknemers. Ook de ABU, NBBU en SNCU discrimineren. Maar dan op het niveau van de uitzendbedrijven. SNCU controleert minitieus uitzendbedrijven. Daarbij zien zij nauwelijks iets over het hoofd. Opvallend is dat bij de controles geen aandacht is voor de zgn. scholingsbestedingsverplichting. Volgens artikel 43 van de ABU dient ieder uitzendbureau een bedrag ter grootte van 1,02% van het brutoloon in fase A te besteden aan scholing van de uitzendkracht. Voor Uitzendbureau’s welke werken met uitzendkrachten uit het buitenland is een regeling getroffen dat zij deze verplichting niet behoeven na te komen, mits zij kunnen aantonen dat het uitzendbureau minimaal hetzelfde bedrag betaald aan activiteiten welke samenhangen met de facilitering van het verblijf en het werken van de buitenlandse uitzendkrachten. Dit is geregeld in artikel 44 lid 4 van de ABU CAO. Wat de uitzendbedrijven die werken met buitenlandse werknemers niet weten is dat SNCU en VRO (bij certificeringen) nauwelijks aandacht besteden aan deze regeling. De uitzendbureau’s, welke werken met Nederlandse uitzendkrachten laten op het einde van het jaar de gereserveerde bedragen weer vrijvallen ten gunste van het resultaat. Vreemd genoeg heeft deze reservering geen aandacht bij SNCU en VRO. Nog mooier is dat middels SF bijdragen de uitzendbureau’s premie betalen aan een instantie welke toezicht dient te houden op naleving van deze scholingsbestedingsverplichting. Dat deze instantie nauwelijks actief is weet SNCU en VRO ook wel. Maar zij houden liever de uitzendbureau’s met nederlandse uitzendkrachten te vriend.

Reageer