De flexmarkt in 2025: Ontwrichting door wetgeving

0

De impact van regelgeving gaat in 2025 groot zijn, voorspelt sectorbankier Han Mesters van ABN Amro. “Veel uitzenders zullen niet WTTA-gecertificeerd kunnen worden en zzp-bemiddelaars krijgen het moeilijk.” 

Tekst: Ellen Nap  

“De Nederlandse flexmarkt bevindt zich in een storm waarin een heleboel zaken door elkaar lopen”, zegt Han Mesters, sectorbankier Zakelijke Dienstverlening bij ABN Amro. Op de vraag hoe de sector er op dit moment voor staat, zoomt Mesters – tevens historicus – direct uit. “Er is in de wereld onduidelijkheid over de geopolitieke situatie, en bij onze handelspartner Duitsland zijn grote problemen die hun weerslag hebben op ons. In Nederland zitten veel toeleveringsbedrijven van de Duitse industrie, die een heel grote en belangrijke sector is.” 

Wij kunnen ons gelukkig prijzen met onze diensteneconomie, zegt Mesters. “Dat maakt dat we veel minder kwetsbaar zijn voor shocks.” Als je kijkt naar de wereldwijde handelsstromen, is de handel tussen de blokken zoals China en Rusland met zestig procent gestegen. “Maar de wereldhandel in zijn totaliteit is gedaald sinds het sterke herstel na corona. En daar kunnen wij als open economie last van krijgen.” Vertaald naar de eigen markten van uitzenders, betekent dit dat cyclische sectoren als de transport en industrie tikken gaan krijgen. 

Zelfvoorziening

“Maar aan de andere kant zie je ook dat landen, gedreven door de geopolitieke ontwikkelingen, minder afhankelijk willen zijn van andere blokken. En dat ze productie dus weer in huis halen: de VS, Europa, Noord-Korea, China, Rusland – iedereen wil zelf toegang tot zeldzame aardmetalen, voedsel en zaken als chiptechnologie.” Mesters zegt een andere wereld te zien ontstaan, met minder wereldwijde goederenstromen. Die wens tot meer zelfvoorziening is, samen met het structurele tekort aan personeel, blijvend. 

Inzoomend op Nederland voorspelt ABN Amro volgend jaar 1,3 procent economische groei. “Wie zien dat de Nederlandse economie redelijk blijft doormodderen. Als dit langer voortduurt en het tekort aan mensen blijft, worden ondernemers gedwongen meer te automatiseren. Of in ieder geval de arbeidsproductiviteit te verhogen.” 

Dan is de vraag: welke rol gaat flex in dit verhaal spelen? Mesters ziet een overheid die erop stuurt om mensen in vaste dienst te krijgen. Ook is er een verandering van samenstelling van de flexibele schillen. “Vroeger waren uitzendkrachten dominant, nu is het zzp-spook erg toegenomen.” 

Omgekeerd waterbedeffect

Daarmee komt Mesters op de belangrijkste ontwikkeling voor volgend jaar waarmee de flexmarkt te maken krijgt: de grote en veranderende impact van regelgeving, doelend op de WTTA en de Wet DBA. “Veel uitzenders zullen niet WTTA-gecertificeerd kunnen worden en zzp-bemiddelaars gaan het moeilijk krijgen”, voorspelt Mesters. 

Eerst de Wet DBA (Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties), gericht op het voorkomen van schijnzelfstandigheid. Van die wet verwacht Mesters een “omgekeerd waterbedeffect”. “Een deel van de 1,3 miljoen zzp’ers zal terugvloeien naar de detacherings- en uitzendpool.” Slecht nieuws voor zzp-bemiddelaars, maar goed nieuws voor die laatste twee partijen, want daarmee verdwijnt volgens Mesters een barrière voor groei voor uitzenders en detacheerders. 

“Maar dan moeten die detacheerders zich wel meer bewust gaan worden van de wens van hun doelgroep om een andere werk-privébalans. “Zet gedetacheerden 1.600 in plaats van 1.800 uur per jaar in en dan zul je zien dat ze minder snel weglopen. En bottom line houd je dan misschien geld over.” Het effect van de structurele krapte is dat de kandidaat centraal staat, vat Mesters samen. “En dat geldt niet alleen voor detacheerders, maar voor iedere organisatie.” 

Lees ook: Katinka Jongkind en Sjuk Akkerman van ING: ‘Flexbedrijven zijn zich aan het aanpassen’

Onvoldoende capaciteit

Dan de invoer van de WTTA (Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten). Met de invoer van een toelatingsstelsel in 2027 moeten 15 duizend flexbedrijven gecertificeerd worden. Mesters: “Maar we weten van certificeerders zoals Cicero dat dit onmogelijk voor die tijd kan, ook al is de wet uitgesteld van januari naar juni. Er is onvoldoende capaciteit.”  

Hij ziet nu nog snel bedrijven opgericht worden en waarschuwt flexondernemers die hun bedrijf willen verkopen om duidelijk te zijn over aan welke kant ze gaan zitten: die van zo veel mogelijk geld eruit halen, of die van de ondernemer die wil dat zijn mensen goed terechtkomen. 

Mesters zegt tussen alle ontwikkelingen de contouren te zien van een mogelijke beweging naar een “zorgplicht van werkgevers naar hun werknemers”. De Europese CSRD, die bedrijven verplicht te rapporteren over de duurzaamheid van hun beleid, ook op sociaal vlak, geldt voor grote organisaties met meer dan 60 miljoen euro omzet.  

“Maar ook al heb je als kleine uitzender geen rapportageplicht, die grote partij die met jou zakendoet, moet jou als kleine uitzender wel meenemen in de analyse.” Heb je je zaken niet op orde – lees: je bent een malafide uitzender – dan spuugt het ecosysteem je vanzelf als onfris onderdeel uit. Een goede zaak, vindt Mesters. En effectiever dan die verplichte ton die uitzenders moeten neerleggen, een andere eis van de WTTA. 

Vrede in Oekraïne

Terug naar de situatie volgend jaar die sowieso spannend gaat zijn. Mesters acht het heel aannemelijk dat er een vredessituatie met Oekraïne zal ontstaan, wat veel onzekerheid wegneemt en de economie lucht geeft. “Ik verwacht dat er in Europa veel geld beschikbaar komt voor innovatie en ook dat de arbeidsmigratie binnen Europa op gang komt.”  

En wat betekent dit alles voor flexondernemers? “Die moeten snappen dat ze een bedrijf zijn net als elk ander bedrijf. En dat de twee belangrijkste effecten van de structurele personeelstekorten zijn dat je bedrijfscultuur en de kwaliteit van je management jouw unique selling points worden.” Ben je alleen maar gericht op je klant de inlener, dan ga je het niet redden. Je hebt intern de juiste mensen nodig om een cultuur van oprechte interesse en zorg voor je kandidaten en werknemers te laden. De intercedent heeft dat meestal al van nature, maar ook het management heeft een rol.” 

Het tweede belangrijke punt is dat de contractvorm minder relevant wordt. “Het gaat inleners erom dat ze beschikking krijgen over mensen. Of dat nu iemand is op vast contract, een uitzendkracht of een zzp’er, dat maakt niet uit.” Het betekent dat flexbedrijven als aanbieder van personeel de strategische discussies van de klant moeten kunnen volgen.  

“Zorg dat je sparringpartner wordt op HR-gebied”, is het advies van Mesters voor volgend jaar aan alle flexondernemers. “Denk dienstonafhankelijk. Positioneer je niet als zzp-bemiddelaar of detacheerder, maar kijk wat een klant nodig heeft en vul dat in.”  

En dan kun je zelfs zover gaan dat je samenwerkt met andere bedrijven. “Oftewel: zorg dat je goed zit met je eigen flexibele schil.” 

Een trend die nog niemand ziet

Een trend “die nog niemand ziet”, maar waarvan bankier Han Mesters hoopt dat-ie doorzet, zijn B Corp-gecertificeerde bedrijven die alleen nog maar zaken willen doen met bedrijven die ook B Corp zijn. “We moeten ons realiseren dat er veel ondernemers zijn die inzien dat de overheid de transitie naar een duurzame wereld niet gaat realiseren. Die gaan het zelf doen. Met elkaar dus, en niet met een partij die het niet duurzaam doet.” 

Lees ook: Handelen is vooruitgang

Over Auteur

Redacteur Flexmarkt

Reageren is niet mogelijk.