Een werknemer die bijna dertien jaar via een uitzendbureau bij dezelfde inlener werkte, kan mogelijk alsnog aanspraak maken op een vast contract. Dat blijkt uit een recente uitspraak van de Hoge Raad. Het bericht werd eerder gepubliceerd door RTL Z.
De zaak draait om een productiemedewerker die van 2 juli 2009 tot juni 2022 via een uitzendconstructie werkte bij margarineproducent Upfield in Rotterdam. Toen het bedrijf de productie in 2022 stopte, kwam er een sociaal plan, maar dat gold alleen voor medewerkers met een vast dienstverband. Uitzendkrachten vielen buiten de regeling.
De werknemer stapte naar de rechter met de eis dat hij met terugwerkende kracht een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd had bij Upfield en daarom ook onder het sociaal plan moest vallen.
Eerdere uitspraken vernietigd
Zowel de rechtbank Rotterdam als het gerechtshof in Den Haag wezen zijn vordering eerder af. De Hoge Raad heeft die uitspraken nu vernietigd. Een ander gerechtshof moet de zaak opnieuw beoordelen.
Volgens de Hoge Raad kan “zo’n lange inlening misbruik van de uitzendovereenkomst opleveren”. Daarbij verwijst de hoogste rechter naar de Europese richtlijn voor uitzendwerk en uitspraken van het Europese Hof van Justitie, waarin staat dat uitzendwerk daadwerkelijk tijdelijk van aard moet zijn.
De Hoge Raad stelt dat een uitzendconstructie misbruikt wordt wanneer de inlening langer duurt dan wat “redelijkerwijs als tijdelijk kan worden aangemerkt”, zonder dat daar een goede verklaring voor is. Daarbij maakt het volgens de Hoge Raad niet uit of sprake is van één doorlopende opdracht of van meerdere opeenvolgende opdrachten.
Mogelijke gevolgen voor de flexmarkt
De uitspraak kan belangrijke gevolgen hebben voor langdurige uitzendrelaties in Nederland, met name in sectoren waar werknemers soms jarenlang bij dezelfde inlener werken. Het arrest onderstreept dat een langdurige flexibele schil geen automatisch verdedigbaar bedrijfsmiddel is.
Vakbond FNV spreekt van een belangrijke ontwikkeling voor uitzendkrachten. FNV-advocaat Renée Sauer zei tegen RTL Z: “Wel is het jammer dat er door de verwijzing naar een ander hof nu nog geen duidelijkheid is over wat tijdelijk uitzenden is en wat niet meer.” Volgens haar is die duidelijkheid er in Duitsland wel: daar mag een uitzendkracht maximaal achttien maanden voor dezelfde inlener werken. FNV pleit voor een kortere termijn in Nederland.
Nog geen definitief oordeel
De Hoge Raad heeft nog niet geoordeeld dat de werknemer daadwerkelijk recht heeft op een vast contract bij Upfield. Dat moet het nieuwe hof nu opnieuw beoordelen op basis van de juridische kaders die de Hoge Raad heeft geschetst.
Wel is duidelijk dat de uitspraak de deur openzet voor andere langdurig ingezette uitzendkrachten die menen dat hun situatie niet meer als tijdelijk kan worden aangemerkt.
Lees ook: FNV wil einde aan ‘buffelboete’ via regeerakkoord: vooral laagbetaalde deeltijders geraakt