Misverstand NOW: de inlener die denkt korting te kunnen krijgen

0

“Inleners die nu korting op uitzendkrachten vragen hebben de NOW-regeling niet goed begrepen.” Dat zegt Patrick Hustinx (All About Flex), die in een serie artikelen graag enkele hardnekkige misverstanden rechtzet.

Ik hoor het nu regelmatig. Inleners bellen naar de uitzendorganisatie met de mededeling: ‘jullie krijgen nu toch tot 90% NOW subsidie op de loonkosten? Dat betekent dus dat ik een deel van die subsidie vertaald wil zien in een lager tarief’. Deze inleners hebben de regeling echt niet goed begrepen.

Er zijn hier eigenlijk twee misvattingen die rechtgezet moeten worden:

  1. De eerste is snel uit te leggen. Dat uitzendorganisaties 90% van hun ‘loonkosten’ vergoed zouden krijgen is immers simpelweg niet waar. Die 90% moet immers worden vermenigvuldigd met het omzetverlies. Dus een bedrijf met 50% omzetverlies, krijgt ‘slechts’ 45% subsidie over zijn loonkosten. En, let op, dit is enkel het geval als de uitzendorganisatie al in aanmerking komt voor de NOW, dat is lang niet altijd zo.
  2. Het tweede misverstand is helaas een stuk hardnekkiger. De inlener die denkt dat de subsidie aangewend kan worden voor zijn ingehuurde en productieve flexkracht heeft het flink mis. Het subsidiegeld is namelijk bedoeld voor de uitzendkrachten die in dienst blijven en juist géén werk hebben, dus in de leegloop zitten. Er is dus geen geld over om ook de kosten van de productieve krachten te verlagen. Een inlener die dus eist dat tarieven omlaag gaan, komt juist aan dat potje geld dat voor de niet-werkenden is bedoeld!

Uitzendbureau krijgt minder subsidie

Eigenlijk is het zelfs erger dan dat. Een voorbeeld: een uitzendonderneming met 100 uitzendkrachten verliest 30% van zijn omzet. Dit betekent in praktijk dat hij hierdoor voor 30 werknemers geen werk meer heeft. De NOW-regeling is zo gemaakt, dat als hij alle 30 medewerkers toch in dienst houdt dat hij voor dit deel 90% vergoeding krijgt van de loonsom en een deel van de werkgeverslasten. Indien hij die 30 medewerkers laat gaan, zal de subsidie exact op 0 uitkomen, dat heeft het ministerie goed bedacht. De subsidie is dus per definitie niet voldoende om de totale werkgeverslasten van het in dienst houden van flexkrachten te dragen. De uitzender zal dus zelf die niet gedekte kosten van het aanhouden van niet productieve flexkrachten moeten betalen. Dit financiert het uitzendbureau dan met de marge op de uitzendkrachten die wél werken.

Als de inleners echter juist voor hun productieve flexkrachten korting gaat vragen, is er nog minder ruimte om niet-productieve flexkrachten aan te houden. Het gevolg: het uitzendbureau zal meer personeel moeten laten gaan, zal hierdoor minder loonsom hebben en vervolgens weer verder worden gekort op de subsidie. Een negatieve spiraal dus.

Inlener krijgt meer subsidie

Het kan nog gekker. En dit is het geval als je beseft hoe de NOW uitwerkt voor ondernemingen die veel flexkrachten inhuren. De NOW heeft als doel banen te behouden. Daarom is dus bedacht dat als je personeel gaat afschalen, je minder subsidie krijgt: als je 30% omzetverlies hebt, en je neemt afscheid van 30% van je personeel krijg je nul subsidie.
Maar bij een inlener met veel flexkrachten pakt dit anders uit. Hij kan dan 30% van zijn werkenden de deur wijzen en nog steeds NOW incasseren! Een voorbeeld: e
en bedrijf (inlener) heeft 2 mensen in eigen dienst en 4 uitzendkrachten. Stel nu dat zijn omzet halveert. Dat betekent dat hij 90% x 50% = 45% van zijn loonkosten vergoed krijgt.
Laten we ervanuit gaan (net als in de NOW-regeling veronderstelt) dat hij door de halvering van de omzet nog slechts de helft van zijn personeel productief kan inzetten. De ondernemer heeft dus nog maar 3 mensen nodig. Maar in dit geval kan de onderneming gewoon zonder enige sanctie 3 uitzendkrachten de deur wijzen. Zijn eigen personeel blijft dus volledig inzetbaar, en niemand zit op de bank. Toch krijgt de inlener een subsidie van 45% voor zijn 2 eigen werknemers.
De inlener uit dit voorbeeld heeft dus géén bankzitters, geen leegloop en de uitzendkrachten zijn gewoon naar huis gestuurd. En toch wordt de helft van zijn eigen personeel gesubsidieerd! Dat wringt een beetje, toch?

Nu zal het niet bij iedere inlener precies zo uitpakken natuurlijk. Maar het effect blijft wel bestaan. De inlener kan zonder sanctie zijn workforce verkleinen en de uitzender krijgt te maken met leegloop die slechts ten dele wordt vergoed.

Oplossing

De oplossing ligt voor de hand. Als inlener en uitzender samen bereid zijn om niet-productieve uitzendkrachten in het bedrijf te houden kan de NOW-subsidie goed worden benut. De resterende werkgeverslasten die overblijven, kunnen dan verdeeld worden tussen inlener en uitzender. Zeker als beide organisaties in aanmerking komen voor de NOW, is dit de meest redelijke oplossing.

Maar voor de uitzendkrachten die gewoon aan het werk zijn, biedt de NOW geen enkele rechtvaardigen om korting te vragen op het inhuurtarief. De inlener die dit vraagt heeft de NOW echt niet begrepen. Niet doen dus.

Dit is deel één uit de serie ‘En NOW de feiten’, geschreven door Patrick Hustinx (All About Flex).

Lees ook:

Over Auteur

redactieflexmarkt

De redactie van Flexmarkt zorgt er gezamenlijk voor dat jij op de hoogte blijft van inspirerende en vooral betrouwbare vakinformatie over gerelateerde onderwerpen op gebied van flexwerkers, ondernemen, payroll en de uitzendbranche.

Reageer