WTTA: zo zien de stappen voorafgaand aan schorsing of intrekking toelating eruit

0

In een brief aan de Tweede Kamer heeft minister Eddy van Hijum van Sociale Zaken en Werkgelegenheid een beeld geschetst van de stappen van de WTTA voorafgaan aan de schorsing of intrekking van een toelating. 

Proces bij inspectie-instelling (privaat)
1. De inspectie-instelling voert ter plaatse bij de uitlener een controle uit. De controle mag maximaal vijf werkdagen duren, om te voorkomen dat late nazending van stukken te veel mogelijkheden biedt tot het vervalsen van bewijsstukken. Deze vijf werkdagen zijn exclusief eventuele voorbereidende werkzaamheden.
2. De inspectie-instelling stelt een concept-inspectierapport op en deelt dat met de uitlener. In dat rapport geeft de inspectie-instelling aan of er non-conformiteiten zijn en zo ja, waarom. Ook kan de inspectie-instelling ingaan op omstandigheden die zij voor de toelatende instantie (TI) relevant acht bij de beoordeling en duiding van de non-conformiteit.
3. De uitlener heeft in het kader van hoor en wederhoor de gelegenheid om bevindingen of conclusies uit het conceptrapport ter discussie te stellen.
4. Als de inspectie-instelling van mening blijft dat er onderdelen van het normenkader overtreden zijn (non-conformiteiten), vangt een herstelperiode aan. De inspectie-instelling moet de uitlener minstens 30 werkdagen (zes weken) bieden om te herstellen.
5. De inspectie-instelling beoordeelt het herstel. Afhankelijk van de aard van de non-conformiteit kan dat op afstand of via een fysiek bezoek. De inspectie-instelling vult het inspectierapport hierop aan. De inspectie-instelling beoordeelt herstel volgens de 4O-systematiek:

  • Oorzaak: de onderneming heeft vastgesteld wat de oorzaak is van de geconstateerde non-conformiteit.
  • Omvang: de onderneming heeft vastgesteld wat de omvang is van de geconstateerde non-conformiteit.
  • Oplossing: de onderneming heeft vastgesteld wat de oplossing is voor de desbetreffende oorzaak en kan dit, voor zover mogelijk, inzetten om de geconstateerde non-conformiteit met terugwerkende kracht te herstellen.
  • Operationalisatie: de onderneming voert de oplossing toekomstbestendig door voor de volledige populatie ter beschikking gestelde arbeidskrachten.
We schreven ook over de rest van de brief, zie onderstaand de link
Brief Van Hijum over praktijk WTTA: van kosten tot registratie BRP  

Hoor en wederhoor

6. De uitlener heeft in het kader van hoor en wederhoor de gelegenheid om te reageren op de bevindingen of conclusies over herstel uit het aangevulde inspectierapport.
7. Na verwerking van de reactie van de uitlener moet het definitieve inspectierapport binnen 75 werkdagen (15 weken) aan de toelatende instelling worden verstrekt. De termijn van 75 werkdagen loopt vanaf het begin van de inspectie (met uitzondering van voorbereidende werkzaamheden) en is opgenomen om te voorkomen dat uitleners zeer lang wachten met het aanbieden van inspectierapporten en de tussentijd gebruiken om het normenkader te overtreden.

Proces bij toelatende instantie (publiek)

Na ontvangst beoordeelt de toelatende instelling het inspectierapport. Daarbij betrekt de TI ook de rest van het dossier van de betreffende uitlener. De TI kan afwijken van het inspectierapport als de inhoud daarvan of andere feiten of omstandigheden – bijvoorbeeld inbreng van de uitlener richting de TI, of signalen van de Arbeidsinspectie of Belastingdienst – daar aanleiding toe geven. “Bij haar beoordeling moet de TI alle relevante feiten en omstandigheden betrekken, waaronder de omstandigheden die het schorsen of intrekken van een toelating onevenredig zouden doen zijn”, schrijft de minister. “Dat kan bijvoorbeeld het geval zijn bij non-conformiteiten die de uitlener niet op tijd heeft kunnen herstellen door uitzonderlijke omstandigheden die hem niet te verwijten zijn. Hetzelfde kan gelden als een uitlener dat herstel door dergelijke uitzonderlijke omstandigheden wel kan doorvoeren, maar niet kan aantonen. Vanzelfsprekend is daarvoor noodzakelijk dat de uitlener de TI onverwijld op de hoogte stelt van dergelijke feiten en omstandigheden.”

Lees ook: Debat Tweede Kamer WTTA: Doet de wet wat deze belooft

Stappen bij de toelatende instantie

De stappen bij de TI zien er als volgt uit:
8. Als de TI concludeert dat schorsing of – in de ernstigste gevallen – intrekking van een toelating aan de orde is, stelt de TI de uitlener daarvan in kennis via een voorgenomen besluit (een voornemen).
9. De inlener krijgt “een bepaalde periode” om daarop zijn zienswijze te geven. De TI stelt die periode vast en houdt daarbij rekening met de ernst van de overtreding. Bij minder ernstige overtredingen is de zienswijzeperiode ten minste vier maanden. De uitlener kan in de zienswijzeperiode nog steeds herstel aantonen, bijvoorbeeld als dat tijdens het private proces niet op tijd gelukt is.
10. Na ontvangst van de zienswijze neemt de TI een besluit. Een besluit dat negatief uitpakt voor de uitlener, zoals een schorsing, treedt als het ware gefaseerd in werking. Nadat het besluit is bekendgemaakt aan de uitlener en via het register, kan de uitlener nog maximaal vier weken bestaande terbeschikkingstellingen laten doorlopen. Daarna moeten alle terbeschikkingstellingen zijn gestopt. De TI kan deze periode van vier weken verkorten, bijvoorbeeld als er sprake is van ernstige misstanden.

Als de schorsing volledig in werking is getreden, mag de uitlener niet meer uitlenen, concludeert de minister. “De uitlener heeft nog een allerlaatste mogelijkheid om richting de TI herstel aan te tonen voordat hij zijn toelating definitief verliest.”

Rechtsbescherming van de uitlener

Door de verschillende termijnen zit er volgens Van Hijum bij ernstige overtredingen doorgaans ongeveer vijf maanden tussen het constateren van overtredingen door de inspectie-instelling en het schorsen of intrekken van een toelating. “Daarna volgen nog maximaal vier weken waarin bestaande terbeschikkingstellingen kunnen doorlopen. Bij minder ernstige overtredingen is deze termijn nog enkele maanden langer. Daarbij is, in samenspraak met sociale partners, een balans gevonden tussen met name de effectieve bescherming van kwetsbare arbeidskrachten enerzijds en de rechtsbescherming van uitleners anderzijds.”

Lees ook: Van Hijum, criminelen houd je niet tegen met een WTTA

Bezwaar en beroep instellen

Als uitleners van mening zijn dat de toelating ten onrechte is geschorst of ingetrokken kunnen zij daartegen bezwaar en beroep instellen. In de brief: “De uitlener moet dan wachten op een besluit op bezwaar van de TI of op de uitspraak van de rechter. Als de uitlener van mening is dat er in de tussentijd sprake is van bijvoorbeeld spoed of onherstelbare gevolgen, kan hij bij de bestuursrechter een voorlopige voorziening aanvragen. Dit is een speciale maatregel waarmee kan worden bereikt dat zij de rechtsgevolgen van het bestreden besluit nog niet intreden tot een besluit of bezwaar is genomen of de rechter uitspraak heeft gedaan in de bodemprocedure tegen het besluit van de TI.”

Geïnspireerd op werkwijze SNA

Onderdelen van bovenstaande processen, waaronder de 4 O-systematiek, zijn geïnspireerd door de huidige werkwijze van de Stichting Normering Arbeid (SNA). De minister: “Een belangrijke extra waarborg ten opzichte van de huidige werkwijze van SNA is dat in het toelatingsstelsel het inspectierapport pas na een eventuele herstelinspectie aan de TI wordt verstrekt. SNA schorst certificaathouders bij ernstige overtredingen (major non-conformiteiten) al voordat de uitlener herstel heeft kunnen doorvoeren en zonder dat de uitlener daar richting SNA een zienswijze op heeft kunnen geven.”

Over Auteur

Ronald Bruins is hoofdredacteur van Flexmarkt.

Reageren is niet mogelijk.