Deze week onderzoekt een tijdelijke commissie uit de Tweede Kamer hoe er na 1 januari 2012 het beste omgegaan kan worden met Bulgaarse en Roemeense arbeidsmigranten.
Tag: arbeidsmigranten
Uitzendbureaus verwachten een daling van het aantal Poolse arbeidsmigranten dat naar Nederland komt.
Vier op de tien middelgrote familiebedrijven heeft buitenlandse werknemers in dienst omdat die gemotiveerder zijn, betere kwaliteit leveren en minder kosten.
Door de veranderende arbeidsmarkt kunnen we niet meer zonder Poolse werknemers. Maar door onze lage tolerantie hebben we straks een tekort aan Polen.
Arbeidsmigranten zijn niet meer weg te denken uit het Nederlands bedrijfsleven. Eerst vooral de Polen in de agrarische sector. Sinds 2007 ook steeds meer andere nationaliteiten in nog meer sectoren.
Op 01 september 2010 is aan de toenmalige minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, Piet Hein Donner, een rapport aangeboden met als doel advies uit te brengen ter vereenvoudiging van de verplichting voor werkgevers om de identiteit van werknemers te verifiëren. Wat is hier ondertussen van terecht gekomen?
Het moment is daar: de ‘grand opening’, het ‘moment suprême’. Nadat Nederland en vele andere EU-landen in 2007 hun grenzen openden voor arbeidskrachten uit de nieuwe EU-landen, hebben op 1 mei jl. ook Duitsland en Oostenrijk dit voorbeeld gevolgd.
Eind 2010 hebben brancheorganisaties ABU en NBBU met de vakbonden een akkoord bereikt over uitbreiding van de reeds bestaande regeling met betrekking tot de uitruil van extraterritoriale kosten, de zogenoemde ET-regeling. De regeling is hierdoor nog aantrekkelijker geworden voor uitzendondernemingen en buitenlandse uitzendkrachten.
Tuinders die Roemenen of Bulgaren willen inhuren, zouden ook langdurig werklozen in dienst moeten nemen.
Minister Henk Kamp (Sociale Zaken) wil tuinders tot 1 juli ‘maatwerk’ bieden bij het beoordelen van aanvragen voor werkvergunningen voor Roemeense en Bulgaarse seizoensarbeiders.