De ware geest van kerst ligt in gelijke behandeling

0

“2025 belooft in alle opzichten een interessant jaar te worden. Ik heb het dan niet alleen over de handhaving op zzp’ers door de Belastingdienst, maar ook over de toekomst van de gelijke behandelingsnorm van uitzendkrachten. Na de arresten Luso Temp, TimePartner, Randstad Empleo en Dosign is de kijk op gelijke behandeling van uitzendkrachten veranderd. Daarmee is ook de toekomst van de afwijkingsmogelijkheid van het loonverhoudingsvoorschrift bij cao, zoals dat is vastgelegd in artikel 8 lid 4 Waadi, en dus ook van de inlenersbeloning onzeker geworden. Waarom?

Hendarin Mouselli

Na de voornoemde uitspraken weten we dat essentiële arbeidsvoorwaarden op individueel niveau moeten worden gecompenseerd met gelijkwaardige andere essentiële arbeidsvoorwaarden. Het begrip essentiële arbeidsvoorwaarde moet zeer ruim worden uitgelegd. Het begrip bezoldiging uit de Uitzendrichtlijn en uit artikel 157 VWEU maken dat bij bezoldiging als bedoeld in de Uitzendrichtlijn het gaat om het basis- of minimumloon én alle overige voordelen in geld of in natura die de werknemer uit hoofde van zijn dienstbetrekking direct of indirect van de werkgever ontvangt. Dus ook een prestatiebonus valt onder de reikwijdte van het loonverhoudingsvoorschrift. Je kunt je afvragen of onze nationale wetgeving wel voldoet aan de voornoemde rechtspraak. 

Ook de huidige inlenersbeloning uit de ABU- en NBBU-cao’s gaat een onzekere toekomst tegemoet. Het is nog maar de vraag of de afwijkingsmogelijkheid bij cao, zoals dat thans is vastgelegd in de uitzend-cao’s op grond van artikel 8 lid 4 Waadi, in de toekomst zal standhouden. In 2025 heeft de uitzendmarkt nog een cao, of zelfs twee. De ‘pijn’ zal dus niet direct voelbaar zijn in 2025. Ik acht de kans overigens heel klein dat uitzendkrachten, zolang de uitzend-cao’s geldig zijn, er met een beroep op de voornoemde uitspraken voor kunnen zorgen dat het fundament van de afwijkingsmogelijkheid in de uitzend-cao’s wordt aangetast. Zij kunnen echter wel de Nederlandse staat aansprakelijk stellen voor schade als gevolg van strijdigheid van artikel 8 lid 4 Waadi met de Uitzendrichtlijn. Ik zie dat laatste echter ook nog niet zo’n vaart nemen. 

Wat ik wel zie gebeuren, is dat de wetgever artikel 8 Waadi moet gaan wijzigen en in lijn moet brengen met de hiervoor aangehaalde rechtspraak. Het is niet langer de vraag óf, maar wanneer dat gaat gebeuren. 2025 is wellicht wat te vroeg en politiek onhaalbaar, maar 2026/2027 zeker niet. Interessanter vind ik of de vakbonden na de hiervoor aangehaalde arresten na 2025 nog wel gaan instemmen met een afwijking van het loonverhoudingsvoorschrift. De ‘Flappie’ uit de uitzendmarkt ligt gereed om in de oven te worden geschoven. Als het niet nu is, dan is dat wel volgend jaar.”

 Lees ook: Katinka Jongkind en Sjuk Akkerman van ING:
 ‘Flexbedrijven zijn zich aan het aanpassen’

Over Auteur

Redacteur Flexmarkt

Reageren is niet mogelijk.