Tweede Kamer voor invoering WTTA, maar veel partijen willen uitzonderingen

0

Van links tot rechts… Er is in de Tweede Kamer geen tegenstander te vinden van de WTTA. Dat bleek uit het restant van het debat dat de Tweede Kamerleden dinsdag 1 april met minister Eddy van Hijum voerden. Kamerleden wilden wel uitzonderingen voor sociale werkplaatsen, leerwerkbedrijven, de beveiliging en de topsport. Amendementen, aangevraagde wijzigingen van de wet, daarover ontraadde de minister. 

Kortom, Van Hijum ziet het uitzonderen van allerlei sectoren niet zitten. De ChristenUnie en SGP vroegen een uitzondering voor sociale werkplaatsen, BBB, NSC en SGP voor mbo-leerwerktrajecten, de VVD voor de beveiligingsbranche en Denk voor betaalde topsport. Maar die uitzonderingen maken de wet complexer en moeilijker te handhaven, zei Van Hijum. “Uitzonderingen creëeren ontwijkingsroutes voor malafide ondernemers.” Hij wil de WTTA eerst laten ingaan. In de wet zit een ‘ventiel’ zoals de minister het noemde. Mocht het nodig zijn om een uitzondering te maken, dan kan de minster een uitzondering bij een “zwaarwegend belang”  toekennen.

Lees ook: WTTA: zo zien de stappen voorafgaand aan schorsing of intrekking toelating eruit

Geen uitzondering voor WTTA

Dit debat was drie weken geleden al begonnen, maar omdat de Tweede Kamer het niet redde binnen de gereserveerde tijd, werd het dinsdagavond afgerond. De minister wilde dus van geen uitzondering weten. “De reikwijdte is noodzakelijk voor de effectiviteit en handhaafbaarheid van het stelsel. Als je het beperkt tot alleen uitzendbureaus, dan kun je een bedrijf combineren met een ander activiteit, waardoor de vraag opkomt of je nog wel een uitzendbureau bent. Dat maakt handhaving heel lastig en je creëert er een waterbedeffect mee. Daarom maken we in beginsel geen uitzondering. Ik vraag de Tweede Kamer die kritische toets bij mij te laten.”

Oorspronkelijk zouden de gemiddelde kosten per uitzendbureau een kleine 500 euro bedragen, zei Thierry Aartsen, maar de nieuwste schattingen gaan uit van meer dan 2.000 euro.

Hoge kosten voor ondernemers

Coalitiepartijen VVD en BBB zijn bang dat het optuigen van de nieuwe toelantende instantie leidt tot bureaucratie en hoge kosten voor ondernemers. Oorspronkelijk zouden de gemiddelde kosten per uitzendbureau een kleine 500 euro bedragen, zei Thierry Aartsen, maar de nieuwste schattingen gaan uit van meer dan 2.000 euro. „Je kunt niet oneindig de rekening naar ondernemers blijven sturen.” De VDD wilde zelfs een plafond afspreken voor de kosten die de toelatende instantie met zich mee mag brengen. “Het moet geen zeflrijzend bakmeel worden.” De minister wilde zo’n plafond niet toezeggen. Door nu al een maximum te stellen, zou er straks te weinig geld kunnen zijn voor een goed functionerend toelatingsstelsel. Maar hij wilde wel jaarlijks transparantie en een evaluatie van de kosten in de Tweede Kamer afspreken.

Lees ook: Van Hijum tijdens kamerdebat WTTA: 
’Niet te vermijden, uitzenders krijgen meer administratieve lasten’

Effecten van uitzonderingen

GroenLinks-PvdA steunde de minister om geen uitzonderingen te maken. “Dan creëren we constructies om mee te ontwijken”, aldus Mariëtte Patijn. De minister zei wel toe in een brief de effecten op handhaafbaarheid en uitvoering van het uitzonderen van de genoemde sectoren te beschrijven. Doğukan Ergin van DENK: “Het zou zonde zijn als we door uitzonderingen BBL-trajecten mislopen.” Sociale werkplaatsen en BBL-bedrijven die fatsoenlijk werk doen die worden toegelaten tot het stelsel, hoeven geen waarborgsom af te dragen, vertelde de minister. Hij  wees er daarna op dat het voor dat soort bedrijven goed is om het toelatende certificaat aan de muur te hebben hangen. “Dat is immers een teken van goed werkgeverschap.”

“Aangenomen moties voer ik uit”

Don Ceder van de Christenunie wilde weten wat de minster zou doen als de Tweede Kamer blijft bij zijn verzoek om uitzonderingen te maken. Van Hijum: “In de Tweede Kamer aangenomen moties voer ik uit. Ik kan in een brief wel uitleggen over het afwegingskader dat we hebben en de uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid.” De partij Denk riep bij monde van Ergin op om discriminatie door uitzendbureaus ook via de WTTA tegen te gaan. Het kamerlid wilde mystery calls opnemen in het normenkader. Deze telefoontjes zijn bedoeld om te zien of een uitzendbureau discrimineert bij het aannemen van personeel. De minister wilde het niet opnemen in het normenkader van de WTTA, maar doet op korte termijn toch al onderzoek naar discriminatie onder werkgevers. “Daar kan ik uitzendbureaus in meenemen.”

Lees ook: Brief Van Hijum over praktijk WTTA: van kosten tot registratie BRP  

BRP-registratie in normenkader

Een aantal amendementen ging over de  zorgplicht voor werkgevers voor registratie van arbeidsmigranten in de Basisregistratie Personen. De Christenunie wil dat die registratie in het normenkader voor toelating van uitzendbureaus wordt opgenomen. Van Hijum: “Dat breidt de administratieve lasten uit. Terwijl we de zorgplicht voor registratie al wel in de wet zelf hebben. Mocht nu blijken dat uitzendbedrijven niet meewerken aan registratie en er op grote schaal niet wordt geregistreerd, dan kun je het overwegen om het alsnog in het normenkader van de toelatende instantie op te nemen.”

Individueel en sectorverbod

GroenLinks-PvdA pleitte voor een toevoeging aan de bevoegdheid van de Arbeidsinspectie. Die moet een individueel uitleenverbod kunnen opleggen. Patijn pleitte ook voor het kunnen opleggen van een uitzendverbod in sectoren (zoals de vleessector). Van Hijum wilde de mogelijkheden wel meenemen in een verkenning, maar niet in de WTTA. Patijn en Bart van Kent van de SP maakten zich ook zorgen voor buitenlandse uitzendbureaus die over de grens een vestiging kunnen beginnen om zo de WTTA te ontduiken. Als ze uitlenen in Nederland, dan vallen ze ook onder de WTTA, beschouwde de minister. “En moeten ze dus ook een waarborgsom storten. We hebben alleen wel minder zicht op de praktijk aldaar.” Daarom zei Van Hijum toe bij de monitoring van de wet ook het effect van buitenlandse uitleners mee te nemen.

Lees ook: Debat Tweede Kamer WTTA: "Doet de wet wat deze belooft?"

Op grote schaal ontslag op staande voet

In zijn bijdrage zei Van Kent van de SP dat hij een strikter vergunningsstelsel had gewild, maar dat hij desondanks de WTTA toch een stap in de goede richting vindt. Daarnaast vroeg hij de minister om te letten op uitzendbureaus die op grote schaal ontslag op staande voet toepassen. De minster zei toe dat via signalen bij de Belastingdienst en de Arbeidsinspectie te doen. Die signalen komen dan door een uitwisseling van gegevens bij de toelatende instantie. Patijn van GroenLinks wilde ook een handhaving op gelijke beloning van uitzendkrachten. “De grootste groep die niet gelijk wordt beloond, zijn arbeidsmigranten.” De minster gaf eerder al aan dat handhaving daarop ten koste kan gaan van de handhavingscapaciteit van de Arbeidsinspectie op de WTTA.

Van Kent van de SP vroeg de minister om te letten op uitzendbureaus die op grote schaal ontslag op staande voet toepassen.

Helemaal geen deadline meer

De WTTA kent dus brede steun in de Tweede Kamer. Maar die Tweede Kamer wil voor een groot deel, op de SP en GroenLinks-PvdA uitzonderingen. In hoeverre daar Van Hijum daar in meegaat moet blijken. Hij gaf in het debat geen krimp, maar zei wel toe de effecten van uitzonderingen en het afwegingskader toe te lichten. Dinsdag stemt de Tweede Kamer over de wet die op een ruime meerderheid kan rekenen en over de wijzigingen die Kamerleden hebben voorgesteld. Het vorige kabinet startte met het schrijven van het wetsvoorstel en wilde het op 1 januari 2025 laten ingaan. Die datum werd herhaaldelijk uitgesteld en nu is er helemaal geen deadline meer.

Over Auteur

Ronald Bruins is hoofdredacteur van Flexmarkt.

Reageren is niet mogelijk.