Gevolgen WAB voor payrollpensioen nog niet helemaal duidelijk

0

De Wet arbeidsmarkt in balans (WAB) moet ertoe leiden dat payrollwerknemers recht krijgen op een pensioenregeling die gelijkwaardig is aan die van andere werknemers met een vergelijkbare functie. De WAB is goedgekeurd door de Eerste Kamer, maar het onderdeel over het pensioen voor payrollkrachten heeft een jaar vertraging opgelopen. Wat houdt dit onderdeel in?

Bij payrolling neemt een payrollonderneming de verantwoordelijkheden van een werkgever (inlener) voor zijn personeel over. Dit betekent dat de werkgever (inlener) zaken zoals de salarisadministratie, salarisbetaling, afdracht van sociale premies en bijvoorbeeld ook pensioenen uitbesteedt aan een payrollonderneming. De payrollwerknemers vallen onder een andere cao dan de geldende cao in de betreffende bedrijfstak. Het gaat dan om een cao uit de uitzendbranche of een cao van een individuele payrollonderneming. Daarnaast kan de arbeidsvoorwaardenregeling van de Vereniging Payroll Ondernemingen (VPO) gelden.

Gelijke arbeidsvoorwaarden

In het algemeen geldt vanuit de WAB dat een payrollwerknemer recht heeft op minstens gelijke arbeidsvoorwaarden als werknemers met gelijke of gelijkwaardige functies in dienst van de onderneming of in de sector waar de payrollwerknemer werkt.

Adequate pensioenregeling

De WAB geeft aan dat de payrollwerknemer recht heeft op een ‘adequate’ pensioenregeling. Er is in ieder geval sprake van zo’n adequate pensioenregeling als voor de payrollwerknemer dezelfde basispensioenregeling geldt als voor vergelijkbare werknemers van de werkgever (inlener) of in de betreffende sector. Kan de payrollwerknemer niet deelnemen aan de pensioenregeling van de werkgever (inlener), dan gelden vaste voorwaarden voor de pensioenregeling van de payrollonderneming zelf.

Pensioenregeling payrollonderneming

Er gelden drie minimumvoorwaarden voor een basispensioenregeling van de payrollonderneming. Ten eerste mag er geen wachttijd of drempelperiode zijn voordat de opbouw van het ouderdomspensioen begint. Daarnaast moet de pensioenregeling naast het ouderdomspensioen een nabestaandenpensioen regelen. Op de derde plaats is de premie die de payrollonderneming moet afdragen, minstens gelijk aan de gemiddelde werkgeverspremie bij Nederlandse pensioenfondsen. De payrollondernemingen betalen de kosten van de pensioenregeling. Zij kunnen de kosten eventueel aan de inlener doorberekenen.

Alleen ontzorgen

De nieuwe pensioeneisen moeten voorkomen dat payrollwerknemers door hun deelname aan een goedkopere (kwalitatief mindere) pensioenregeling veel minder kosten dan werknemers van de werkgever (inlener). De regering vindt dat payrolling gericht moet zijn op het ontzorgen van organisaties en niet op concurrentie van arbeidsvoorwaarden.

Uitstel tot 1 januari 2021

De WAB is inmiddels op 28 mei aangenomen door de Eerste Kamer. De meeste maatregelen uit de nieuwe wet gaan in per 1 januari 2020, maar juist de pensioenmaatregel voor payroll is uitgesteld tot 1 januari 2021. Volgens minister Koolmees (Sociale Zaken en Werkgelegenheid) is uit de internetconsultatie over het wetsvoorstel gebleken dat er te weinig tijd is om de pensioenvoorziening goed in te voeren. Hiervoor zou nog minimaal een jaar voorbereidingstijd nodig zijn. Daarbij was er al forse kritiek op de uitvoerbaarheid van de regeling vanuit de flexbranche.

Kostenstijging

Waarschijnlijk wordt payrolling op termijn een duurdere oplossing voor de inlener doordat payrollondernemingen de kosten van de pensioenvoorziening aan de inlener door zullen proberen te berekenen. De inlener kan dan kiezen voor een andere, goedkopere oplossing dan payrolling of met het payrollbedrijf afspreken dat zij de pensioenvoorziening voor hun rekening nemen.

Bron: PW.

Over Auteur

Avatar

Reageer